
Ik heb last van een BVD. Een borstvoedingsdip. Mijn dochter is inmiddels vijf en een halve maand en ondertussen is voor mij de romantiek van het voeden, waar zoveel over gesproken wordt, er wel een beetje van af. Ik wil eigenlijk niet meer. Haar afhankelijkheid van mij is een uniek iets waar ik vaak van geniet maar wat ik heel soms ook wel eens als beklemmend ervaar. Al enige weken voer ik een strijd met mezelf. Een strijd tussen gevoel en verstand.
Wekelijks lees ik enthousiast de nieuwtjes op deze borstvoedingssite en ik ben er in hart en nieren van overtuigd dat lang voeden absoluut het beste is voor je baby. Alleen… wat is het beste voor mij als moeder? Gaat het alleen om de gezondheid en de gemoedstoestand van mijn dochter of mag ik als moeder van kleine twee kinderen ook een beetje aan mezelf gaan denken?
Ik heb echt veel bewondering voor vrouwen van wie ik lees dat ze met gemak al vijftien maanden dagelijks zitten te kolven op hun werk. Of voor vrouwen bij wie hun kleintje knus bij hen op de slaapkamer ligt en voor wie de nachtvoedingen een onderdeel van hun leven is geworden waar ze hun hand niet voor omdraaien. Geweldig. Alleen, en ik vind dat daar soms wel eens te snel aan voorbij wordt gegaan, dat is niet voor iedereen zo. Het is niet alleen maar fijn en knus. Hoewel ik van mijn werkgever alle tijd krijg om te kolven en ik een kolfruimte te beschikking heb waar veel moeders een moord voor zouden doen, vind ik het kolven meer en meer een opgave worden.
Het kolven zelf gaat me niet echt gemakkelijk af en daarbij, ik lijk wel nooit genoeg te kolven. Bijna dagelijks zie ik als ik thuis kom uit mijn werk een gestreste opa of oma rondhupsen met een huilende baby. Ze heeft honger! Wordt er geroepen nog voor ik mijn jas uit heb. De werkdag daarna trek ik braaf meer tijd uit om met veel moeite wat extra cc'tjes melk te bemachtigen voor mijn hongerige kleintje. Ze lijkt helaas altijd meer te willen. Hier is Bertha 13! Roep ik als ik door oma weer eens een hongerige baby in mijn armen krijg gedrukt. Zou een fles toch niet beter zijn? denk ik dan stiekem. Maar nee, geen bijvoeding en uitsluitend de borst. Daar ga ik voor. Het is het beste voor haar en voor mij.
Maar wie hou ik nou eigenlijk voor het lapje? Mijn meisje is geen baby meer die lief en rustig de borst leegdrinkt. Nee, die kleine tante heeft inmiddels krachtige kaakjes en een enorme zuigkracht waarmee ze me dagelijks achter laat met beurse tepels en af en toe een melkblaar. Een goede aanleg is helaas niet de oplossing. En daarbij: ze worstelt wat af. Terwijl ze gulzig ligt te drinken ligt ze met haar bovenste armpje de honderd meter vrije slag te roeien. Haar beentjes trappelen vrolijk en in no time vliegen de sokjes in het rond. Het is knap vermoeiend.
En dan gaan we een dagje uit. In het openbaar voeden ben ik een voorstander van. Super dat dit tegenwoordig op veel plaatsen mogelijk is. Mensen moeten maar gewoon accepteren dat een moeder het beste met haar kind voorheeft. Op elk moment! Alleen, daar werkt mijn meisje dus mooi niet aan mee. Al die afleiding om haar heen zorgt ervoor dat ze slechts enkele slokjes binnen krijgt. En een uurtje later dus weer honger heeft. En weer denk ik 'zou een flesje niet handiger zijn?' en wordt het de laatste tijd niet teveel opgedrongen, die borstvoeding?

Laatst was ik aan het winkelen en liep ik de verloskundige praktijk bij ons op het dorp binnen. Je wordt er vriendelijk ontvangen en krijgt er alle rust en gelegenheid om je kleine te voeden. Nu was echter net de borstvoedingsweek aan de gang. Overal ballonnen, flyers en posters ter promotie van borstvoeding. En ik ertussen zitten voeden. Ik voelde me net een wandelende reclamezuil. Alleen een bordje 'Ik voed, jij toch ook?!' ontbrak nog aan het plaatje. 'Durft er hier nog iemand te kiezen voor de fles?' vroeg ik bij wijze van grapje aan de assistente. 'ah', zei ze, 'je vindt het ook wat teveel?' uhh, ja eigenlijk wel een beetje.
Toch ben ik me ervan bewust dat al die promotie belangrijk is. Het zorgt ervoor dat er meer moeders gaan voeden en dat moeders zoals ik, die eigenlijk niet meer willen, aan het twijfelen worden gebracht over de juiste keuze. Stoppen of doorgaan? Elke dag meer is tenslotte winst voor je baby.
Maar ik zou zo graag weer eens wat meer nachtrust willen, weer aan de pil gaan en weer eens een lekker glaasje wijn drinken als het mij uitkomt. Of gewoon weer eens onbezorgd een greep in de medicijnkast doen als ik een kwaal heb. Of eventjes lekker voor twee daagjes een mamma sabbatical. Er lekker eventjes met mijn man op uit zonder de kleintjes. Gewoon eventjes bijtanken. Geen gekolf, geen gedoe en toch een tevreden baby.

'Lees dan gewoon niet meer de site', denk ik wel eens. Gewoon stoppen zonder gewetensbezwaren. Je zou het je kop in het zand steken kunnen noemen. Maar ik kan het niet. Ik blijf tobben. Straks ga ik beginnen met de Rapley methode. Ik heb hét boek wat daarbij hoort al aangeschaft. Ik wil het beste voor mijn kind. Of voor mezelf. Ik weet het niet. De keuze blijft toch gevoel of verstand. Ik worstel nog even verder. Misschien wordt mijn BVD uiteindelijk toch wel Borst Voeding Doorzetten.