banner_bvcom.jpgbanner_webshop.jpgbanner_graphico_nederlands.jpgbanner_bvcomapp.jpgbanner_borstbaan.jpgbanner_tietzat.jpg
Tien vuistregels

10vuist.jpgIn Nederland werkt een groeiend aantal instellingen aan de hand van de 'Tien Vuistregels voor het welslagen van de borstvoeding', die de grondslag vormen voor een goed beleid en wetenschappelijk aantoonbaar effectief zijn. Instellingen die een gedegen borstvoedingsbeleid willen voeren behalen het WHO/UNICEF certificaat Zorg voor Borstvoeding en laten daarmee zien dat ze borstvoeding serieus nemen.
Voor de periode na de kraamtijd zijn ook uitgangspunten ontwikkeld: de 'Zeven stappen voor ondersteuning van borstvoeding in de Jeugdgezondheidszorg', hiermee kan ook de JGZ het WHO/UNICEF certificaat Zorg voor Borstvoeding behalen.

Tien vuistregels voor het welslagen van de borstvoeding

Instellingen voor moeder- en kindzorg die het certificaat hebben dienen er zorg voor te dragen:

  • dat zij een borstvoedingsbeleid op papier hebben, dat standaard bekend wordt gemaakt aan alle betrokken medewerkers
  • dat alle betrokken medewerkers de vaardigheden aanleren, die noodzakelijk zijn voor het uitvoeren van dat beleid
  • dat alle zwangere vrouwen voorgelicht worden over de voordelen en de praktijk van borstvoeding geven
  • dat moeders binnen een uur na de geboorte van hun kind geholpen worden met borstvoeding geven
  • dat aan vrouwen uitgelegd wordt hoe ze hun baby aan moeten leggen en hoe zij de melkproductie in stand kunnen houden, zelfs als de baby van de moeder gescheiden moet worden
  • dat pasgeborenen geen andere voeding dan borstvoeding krijgen, noch extra vocht, tenzij op medische indicatie
  • dat moeder en kind dag en nacht bij elkaar op een kamer mogen blijven
  • dat borstvoeding op verzoek wordt nagestreefd
  • dat aan pasgeborenen die borstvoeding krijgen geen speen of fopspeen gegeven wordt
  • dat zij contacten onderhouden met andere instellingen en disciplines over de begeleiding van borstvoeding en dat zij de ouders verwijzen naar borstvoedingorganisaties

Bij een instelling mét certificaat krijg je gegarandeerd een goede borstvoedingbegeleiding. Het percentage moeders dat met succes borstvoeding geeft bij het verlaten van de instelling is groter dan bij de instellingen zonder certificaat.
Kijk op de site van de certificeringsinstantie welke instelling een certificaat heeft.

Lees ook

Gerelateerde artikelen